Steun ons en help Nederland vooruit

Toekomstbestendig maken opvang van hevige neerslag

D66 doet de nodige investeringen om opvang van hevige neerslag mogelijk te maken (waterberging). Klimaatverandering leidt er ook toe dat we meer fysieke maatregelen moeten treffen om droge voeten te houden en droogte tegen te gaan.

Waterberging wordt in de toekomst steeds belangrijker. D66 wil onderzoeken welke aanvullende maatregelen nodig zijn om de gemeente Hoogeveen klimaatbestendig te maken. Een voorbeeld van zo’n maatregel betreft infiltratieleidingen in de openbare ruimte. Daarnaast stimuleert D66 waterberging in tuinen en op daken van inwoners door middel van groene daken, het onttegelen van tuinen en het plaatsen van regentonnen.

Dit is een efficiënte oplossing, omdat waterberging direct een piekbelasting van het riool tegengaat. Het water kan door infiltratie of door verdamping verdwijnen. Of het kan op een later tijdstip alsnog worden afgevoerd naar het riool. De toe te  passen maatregelen zijn sterk afhankelijk van de beschikbare ruimte. Enkele voorbeelden van waterbergingen:

  • Infiltratievoorzieningen naast verhardingen. Bijvoorbeeld stroken met een goed doorlatende bodem. Het overtollige water op de verharding kan hierin tijdelijk worden opgeslagen. Om voldoende opslagcapaciteit te hebben, moet de oppervlakte van de strook 10 tot 20% bedragen van de oppervlakte van de verharding. In een woonwijk is de aanbevolen diepte van de stroken maximaal 30 centimeter. Dit in verband met de veiligheid van kinderen en dieren. Indien de ruimte het toelaat, is het om deze reden ook aan te bevelen om flauwe taluds te maken.
  • Een greppel in bestaande bermen of grasvelden. Dit is een smalle, relatief ondiepe sloot, eventueel voorzien van beplanting. Hij verhoogt de opslagcapaciteit van de groenvoorzieningen. In drogere tijden zal de greppel droog komen te staan.
  • Een wadi, bijvoorbeeld in brede grasstroken. Een wadi is een soort brede greppel, meestal beplant met gras. De ondergrond bestaat uit zand en grind. Hieronder ligt een geul met goed doorlatend materiaal zoals grind, lavasteen of gebakken kleikorrels. Vanwege de benodigde diepte van de complete voorziening is een wadi alleen te gebruiken in een gebied met een lage grondwaterstand.
  • Een wadi met een gemengde beplanting. Hiermee is in het buitenland al veel ervaring opgedaan. Bomen, heesters en vaste planten versnellen de afgifte van het water aan de atmosfeer. Er moet gekozen worden voor een assortiment dat tijdelijk met zijn wortels in water kan staan, maar dat ook drogere periodes overleeft.
  • Een vijver met een diepte van minimaal 1,5 meter, zodat het water in de zomer niet te warm wordt en in de winter niet helemaal bevriest. Ook hier heeft een flauwe oever weer de voorkeur. Pas op het talud beplanting toe, die zowel drogere als nattere perioden verdragen. Dan zijn ze goed bestand tegen het fluctueren van het waterpeil.

 

Laatst gewijzigd op 22 november 2018